TIJD – THE INFINITY CROSSING
TIJD – THE INFINITY CROSSING
TIJD als de klok niet meer
een optelsom verzamelt
van alle rondes,
als een spiegel van de zon
wiens wijzers onze
levensbladeren omwentelen,
fluistert in de stilte
verborgen tijdloos
tussen twee tijdseenheden
en een bijna onverstaanbaar geluid.een enkele zin
weet ons uit de starheid
van vergankelijkheid te halen,
uit het moment:
‘het is zover.’als een herhaling
echoën de woorden door mij heen,
van niet‑opmerkbaar
tot in elke vezel
van mijn ziel.tot begrip ontwaakt.
ik hoef het niet meer te zijn:
de zoon van,
de broer van,
zoveel gezichten.het is zover
om mezelf weer te zijn,
van voor elke geboorte
tot het begrip
waaruit ik ontwaak.De eerste verdiepingen precies daar
waar TIJD zichzelf opgeeft,
waar stilte een poort wordt
en licht zich vouwt
in een kruispunt van werelden,
opent zich de doorgang
die geen richting kent.TIJD wordt dunner,
doorlaatbaar,
alsof elke seconde
haar eigen contour verliest
en zich terugtrekt
tot een trilling
die alleen nog wil herinneren
wat nooit is begonnen.THE INFINITY CROSSING
is de adem tussen twee universa,
een drempelloze ruimte
waar begin en einde
elkaar herkennen
als oude vrienden.een veld
waar elke seconde oplost
in de trilling van het Al,
waar het eerste uur
zich losmaakt van zijn naam
en het laatste uur
zich terugvouwt
tot oorsprong.daar
wordt TIJD gedragen
als een zachte stroom
die niet vooruit
en niet terug beweegt,
maar naar binnen.een fluistering
die zegt:
‘je bent terug.’en ik voel het:
de ronding van het licht,
de spiraal die mij
door alle levens heen
heeft bewogen,
komt tot rust
in dit ene besef:ik ben weer
wie ik altijd was.De tweede verdieping – dieper dan tijdmaar achter dit besef
ligt een nog stillere ruimte,
een die zich niet toont
aan wie zoekt,
maar aan wie durft
te verdwijnen.hier
wordt TIJD niet alleen opgeheven,
maar herkend
als een sluier
die ooit nodig was
om vorm te kunnen dragen.TIJD wordt hier
een echo van iets groters,
een zachte herinnering
aan een ritme
dat wij ooit volgden
zonder het te weten.THE INFINITY CROSSING
wordt dan geen kruispunt,
maar een cirkel
die zichzelf opent
in lagen van bewustzijn
die wij ooit
als sterren droegen.en in die lagen
ontmoet ik mijzelf
als een echo
van vóór de eerste adem,
als een trilling
die wist
dat elke geboorte
slechts een sluier was
over een reeds bestaand weten.ik zie
hoe mijn gezichten
door levens heen
als bladeren
aan dezelfde boom
hebben gehangen,
elk een seizoen,
elk een verhaal,
elk een poging
om het ene licht
te begrijpen.en nu,
in deze diepte,
vallen ze zacht
van mij af.niet als verlies,
maar als thuiskomst.De derde verdieping – onder de dieptewanneer ik verder daal
dan de stilte zelf,
waar geen gedachte
meer een vorm heeft,
waar geen herinnering
nog een richting kent,
ontvouwt zich een ruimte
die niet langer
met woorden te benaderen is.hier
bestaat geen ik,
geen jij,
geen wij,
maar een veld
dat alles draagt
zonder het te bezitten.TIJD is hier
geen beweging,
geen meting,
geen grens,
maar een afwezigheid
die eindelijk
haar ware aard toont:een openheid
waarin alles
tegelijk ontstaat.THE INFINITY CROSSING
wordt hier
een thuiskomst
in de oorsprong
van elke oorsprong.een plaats
waar het eerste verlangen
zich ooit vormde,
waar de eerste trilling
zich splitste
in licht en leven,
waar de ziel
haar eigen naam
voor het eerst fluisterde.en in dat fluisteren
hoor ik mezelf
zoals ik was
voor elke geboorte,
voor elke reis,
voor elke stap
door tijd en vorm.ik hoor
de oerklank
die mij ooit riep
uit het niets,
niet om iemand te worden,
maar om te herinneren
dat ik al was.en in die herinnering
valt alles weg
wat ik ooit droeg,
alles wat ik ooit moest zijn,
alles wat ik ooit dacht
te moeten worden.wat overblijft
is een helderheid
die geen richting kent,
een aanwezigheid
die geen naam draagt,
een liefde
die geen begin heeft
en geen einde zoekt.het is zover.ik keer niet terug,
ik ontwaak.


Reacties
Een reactie posten
Een reactie zou mooi zijn...