ZIELENPIJN (THE INFINITY CROSSING)
ZIELENPIJN
THE INFINITY CROSSING
Een gedicht geschreven door mij — heden
ZIELENPIJN
Dwarrelend in rondjes,
bestemmingsloos,
onthutseld,
noch beneden, noch boven
te vinden.
Een richtingloos verhaal.
Maar als het lot,
als een stiekem
zelfgemaakte keuze,
het dwarrelende stuk papier,
als een losgescheurd hoofdstuk
van een levensverhaal,
het boek weer weet
te lijmen,
kent kaft en index
tot de laatste bladzijde.
Het einde van het verhaal
vindt zijn vrede;
een rustend hart
in het weer willen lezen
van alle verloren woorden.
Geeft elke strijd
een rust in eenvoud,
met als eindwoord:
ik laat je LOS.
THE INFINITY CROSSING
Want niets
wat werkelijk heeft liefgehad,
verdwijnt.
Het verandert slechts
van vorm.
Zoals water
de wolk wordt,
de wolk
weer regen,
de regen
een rivier,
en de rivier
uiteindelijk
de oceaan herkent
waaruit zij ooit geboren werd.
Zo reist de ziel.
Niet in rechte lijnen.
Niet gevangen
in begin of einde.
Maar in cirkels
die steeds wijder worden,
tot zelfs de horizon
te klein blijkt
voor haar bestemming.
Ik dacht
dat ik gevallen was.
Maar misschien
was ik slechts
aan het leren vliegen
zonder vleugels.
Misschien
was iedere breuk
een geheime deur.
Misschien
was iedere nacht
een tempel
waarin het licht
geduldig wachtte
tot mijn ogen
zich herinnerden
hoe sterren geboren worden.
Want sterren
ontstaan niet
ondanks de duisternis.
Zij ontstaan
erin.
En zo ook
de ziel.
Niet ondanks
haar pijn,
maar dankzij
haar bereidheid
om niet langer
voor zichzelf
te vluchten.
Ik liep
door landschappen
die niemand zag.
Woestijnen
van stilte.
Bossen
van herinneringen.
Rivieren
gevuld met namen
die alleen
mijn hart
nog fluisteren kon.
Iedere stap
voelde als afscheid.
Iedere adem
als een vraag.
Iedere traan
als een spiegel
waarin de Eeuwigheid
mij aankeek.
Wie ben jij,
wanneer alles
wat je dacht te zijn
van je afvalt?
Wie ben jij,
wanneer zelfs
je verdriet
geen naam meer draagt?
Wie ben jij,
wanneer stilte
je enige taal wordt?
Toen hoorde ik
geen stem,
maar een weten.
Dieper
dan woorden.
Ouder
dan tijd.
Zachter
dan licht.
"Jij bent nooit
verloren geweest.
Je was alleen
onderweg
naar jezelf."
En plotseling
werd de pijn
geen vijand meer.
Zij werd
een oude meester,
die mij
zonder één woord
had geleerd
hoe liefde
zichzelf hervindt
wanneer bezit
verdwijnt.
Want liefde
wil niet vasthouden.
Liefde
wil herinneren.
Zij bouwt
geen gevangenissen.
Zij opent
vensters.
Zij schrijft
geen eindes.
Zij ademt
eeuwigheid.
Daar,
op de grens
tussen zichtbaar
en onzichtbaar,
ontmoette ik
de Infinity Crossing.
Geen brug
van steen.
Geen poort
van goud.
Maar een levend veld
van bewustzijn,
waar iedere ziel
haar masker neerlegt
en eindelijk
thuiskomt
in haar eigen
oorspronkelijke licht.
Daar bestond
geen verleden.
Geen morgen.
Geen klok.
Geen angst.
Alleen
het oneindige
nu.
Ik zag
hoe duizenden levens
slechts één ademhaling waren
van het Universum.
Hoe iedere ontmoeting
al eeuwen
op zichzelf
had gewacht.
Hoe iedere wond
een opening bleek
waardoor mededogen
de wereld binnenkwam.
Hoe iedere traan
het zout droeg
van een oceaan
die nooit
gescheiden is geweest.
Ik zag
mijn schaduw
mij omhelzen.
Niet langer
als tegenstander,
maar als vergeten broer.
Ik zag
mijn angsten
hun wapens neerleggen,
omdat liefde
niet vecht
tegen wat bang is,
maar het
naar huis begeleidt.
En ik begreep
dat vergeving
geen cadeau is
voor de ander.
Vergeving
is de sleutel
waarmee de ziel
haar eigen cel
weer opent.
Wat ik verloor,
bleek nooit
werkelijk verdwenen.
Het had slechts
een andere frequentie
gekozen.
Een andere vorm
van aanwezigheid.
Want afwezigheid
bestaat niet
voor wat
in liefde
is geschreven.
Alles
wat werkelijk
is bemind,
blijft.
Niet altijd
in handen.
Maar altijd
in het hart
van de Schepping.
Ik zag
dat iedere mens
een wandelende sterrenpoort is.
Een adem
van het Oneindige.
Een bladzijde
uit een boek
dat nooit
wordt voltooid,
omdat de Auteur
zelf
Eeuwigheid is.
En iedere ziel
schrijft verder,
zelfs wanneer
de inkt
onzichtbaar wordt.
Toen legde ik
mijn vragen neer.
Niet omdat
ik alle antwoorden kende.
Maar omdat
ik eindelijk vertrouwde
op het Mysterie.
Want het Mysterie
hoeft niet
begrepen te worden.
Alleen
bewoond.
Zoals de zee
de golf draagt.
Zoals de hemel
de vogel.
Zoals stilte
het gebed.
Zoals liefde
de ziel.
Ik knielde
voor niets
en tegelijk
voor alles.
Voor de adem
die mij draagt.
Voor het licht
dat zelfs
mijn donkerste kamers
kent.
Voor de Hand
die mij vasthield,
zelfs toen
ik dacht
dat ik alleen viel.
Daar
liet ik los.
Niet uit vermoeidheid.
Niet uit nederlaag.
Maar uit vertrouwen.
Ik liet los
wat nooit
van mij geweest was.
Ik liet los
wie ik dacht
te moeten zijn.
Ik liet los
de behoefte
om het leven
te controleren.
Ik liet los
de angst
voor het onbekende.
En precies
op dat moment
droeg het onbekende
mij.
Ik werd
geen ander mens.
Ik herinnerde mij
wie ik altijd
al was.
Een vonk.
Een adem.
Een reiziger.
Een getuige.
Een geliefde
van het Oneindige.
Nu wandel ik
niet langer
op zoek
naar het licht.
Ik wandel
als deel
van het licht.
Mijn stilte
is geen leegte.
Mijn stilte
is een kathedraal
waarin sterren
hun psalmen zingen.
Mijn hart
is geen wond meer.
Mijn hart
is een poort
waardoor liefde
blijft binnenkomen.
Iedere zonsopgang
is een nieuw verbond.
Iedere zonsondergang
een heilige overgave.
Iedere ontmoeting
een herinnering.
Iedere afscheid
een verborgen begroeting.
Want niets
gaat werkelijk weg.
Alles
keert terug
naar de Bron
waar liefde
haar eerste naam
ontving.
En wanneer
de laatste bladzijde
van dit aardse hoofdstuk
zich sluit,
zal ik niet vragen
waarom.
Ik zal glimlachen
naar alles
wat mij gevormd heeft.
Naar iedere breuk.
Iedere val.
Iedere omweg.
Iedere verloren droom.
Iedere ontmoeting.
Iedere stilte.
Iedere ziel.
Want zij brachten mij
naar hier.
Naar de Infinity Crossing.
Waar geen dood bestaat,
maar alleen
thuiskomen.
Waar geen afscheid bestaat,
maar alleen
een andere vorm
van ontmoeten.
Waar geen tijd bestaat,
maar alleen
de adem
van Eeuwigheid.
En daar,
waar sterren
hun namen verliezen,
waar liefde
geen tegenover kent,
waar de ziel
doorzichtig wordt
voor het Goddelijke,
fluister ik,
zonder angst,
zonder spijt,
zonder verlangen
naar gisteren:
Ik laat je los.
Omdat liefde
geen bezit is.
Omdat liefde
geen einde kent.
Omdat liefde
zichzelf
in iedere ziel
blijft herkennen.
Ik laat je los
zoals de hemel
de vogel draagt.
Zoals de oceaan
de rivier ontvangt.
Zoals de dageraad
de nacht
niet vernietigt,
maar voltooit.
Ik laat je los,
opdat wij
elkaar terugvinden
waar geen namen
meer nodig zijn.
Waar geen tranen
meer spreken.
Waar alleen
Liefde
blijft.
Altijd.
Oneindig.
Amen.
BERUSTEN
🙏 W.O.L.
Wisdom • Opportunity • Love
© Marco P.



Reacties
Een reactie posten
Een reactie zou mooi zijn...