Soms verdwijnt het kleine in de mist—
Soms verdwijnt het kleine in de mist—
Soms verdwijnt het kleine in de mist—
wat ik at, een paar dagen terug,
of hoe scherp een teen kan schreeuwen
tegen een tafelrand.
En toch…
er is een laag in mij die weet
hoe pijn te dimmen,
hoe herinneringen niet beginnen bij gisteren
maar cirkelen door iets dat geen begin kent.
Geen “vorig”, geen “later”—
eerder een stroom
waarin tijd zich anders vouwt,
waar levens geen hoofdstukken zijn
maar ademhalingen van één geheel.
En toch… hier.
Dit leven.
Dit lichaam, deze straat, dat balkon in Dordrecht—
waar twee kinderen, te klein voor beloftes,
besloten:
wij zullen geen ruzie maken.
Alsof vrede toen al
een heimwee was.
We groeiden op tussen regels
die niet van ons waren,
tussen stemmen die harder waren dan liefde.
Jij koos om erbij te horen,
ik koos om te zien.
En zien is soms een last
die een kind niet dragen kan.
Dus sloot ik mij af
en bleef tegelijk open
voor wat niemand uitsprak.
Ik bleef op dat balkon,
in gedachten,
waar alles nog heel leek.
Tot de wereld ons verder trok—
huizen, vluchten,
nieuwe gezichten, oude pijn
in andere vormen.
De mens probeert, struikelt,
zoekt warmte in armen
die zelf ook koud zijn geweest.
En ergens onderweg
vergeten we dat we spiegels zijn,
geen vijanden.
Dat een sorry
soms een brug is
die hele levens kan dragen.
Maar ook dat zwijgen
een keuze is
met zijn eigen lessen.
Want wat is spiritualiteit
als ze alleen licht durft te zien?
Wat is liefde
zonder de rauwe rand van woede,
zonder de schaduw die haar diepte geeft?
Ik leer nog steeds
dat kracht niet zacht hoeft te zijn,
en zachtheid niet zwak.
Dat ik hier ben
met genoeg en niet genoeg tegelijk—
een mens
tussen rekeningen en sterrenstof.
En ergens daaronder
loopt een lijn
die alles verbindt:
jou, mij,
voor en na,
fout en vergeef.
Misschien is er uiteindelijk
maar één leven
dat zichzelf blijft hervormen,
steeds opnieuw.
En misschien
is het meest nabije
het moeilijkst te zien:
dankbaarheid
voor wie ons vormde,
zelfs in breuk.
En jij—
mijn zus, mijn spiegel—
dank je voor de tijd
die zwaar was
en toch van ons bleef.
We zijn hier.
Dat is al iets.
En ik vraag niet om gelijk,
alleen om echtheid:
is er iets in jou
dat nog spijt durft te voelen?
Want misschien
is dát wel
de puurste vorm van licht—
niet perfect,
maar waar.
🙏 W.O.L.
Whisdom Opportunity Love




Reacties
Een reactie posten
Een reactie zou mooi zijn...